Op deze pagina vindt u verwijzingen naar veel gestelde vragen over practoraten:
Een practoraat is een expertiseplatform binnen een mbo-instelling waar praktijk(gericht) onderzoek wordt uitgevoerd. Doel is het verspreiden van kennis en innovatie, en opleiden tot innovatief vakmanschap. Een practoraat bestaat uit een ‘kenniskring’ met een practor en docent-onderzoekers. Ook docenten, studenten en partners vanuit het (regionale) bedrijfsleven zijn actief betrokken. Het practoraat slaat de brug tussen onderwijs, onderzoek en (regionale) bedrijfsleven.
In het stappenplan staat uitgebreide informatie over hoe de oprichting verloopt en wat daarvoor nodig is.
Er zijn grofweg twee soorten practoraten: een die meer de nadruk legt op vakinhoudelijke vernieuwing (in de zorg, techniek, agri etc.), en een met nadruk op onderwijskundige vernieuwing (via burgerschap, mediawijsheid, activerende didactiek etc.). In de praktijk zijn beide vernieuwingen natuurlijk in ieder practoraat aanwezig.
Een practoraat draagt op verschillende manieren bij aan de ontwikkeling van het onderwijs en werkveld. Zo stimuleert het een onderzoekende houding bij docenten en biedt het ruimte voor innovatie en excellentie. Het verbindt onderwijs, onderzoek en bedrijfsleven en speelt in op de behoeften van en binnen een regio. Bovendien vergroot het de kennisdeling en kennisbenutting tussen scholen en borging van deze kennis. Dit leidt uiteindelijk tot een verbetering van de betrokken mbo-instelling in het bijzonder en het mbo-onderwijs in het algemeen.
Practoraten werken aan uitdagingen én oplossingen voor problemen van opleidingen en teams in het verzorgen van toekomstgericht, wendbaar beroepsonderwijs. Aansluitend bij maatschappelijke en regionale uitdagingen, en bij technologische en sociale ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en in bedrijven.
Een practor is een boegbeeld, inspirator en/of motor van een practoraat. Als practor ben je verantwoordelijk voor de ontwikkeling, toepassing en verspreiding van kennis, zowel intern als extern. Ook praktijkgericht onderzoek en het professionaliseren van docenten zijn belangrijke taken. Er gelden vanuit de stichting geen eisen voor de rol van practor, deze keuze ligt volledig bij de betrokken mbo-instelling.
De practoraten focussen zich op de aandachtsgebieden van de drievoudige opdracht van het mbo: beroepsgericht kwalificeren, persoonlijke ontwikkeling en burgerschap. Het mbo heeft een duidelijke eigen opdracht, die echter wel goed op die van het hbo aansluit. Samenwerking tussen lectoraten en practoraten is daarom een logische stap. We willen daarin waar mogelijk aansluiten op wat er al gebeurt en daarop doorbouwen. Deze samenwerking proberen we zo goed mogelijk af te stemmen door contact met o.a. de Vereniging Hogescholen en SIA.
Door samen met docenten en teams praktijkonderzoek uit te voeren, versterken de practoraten het onderzoekend vermogen van docenten en teams. Het delen en borgen van kennis en ervaring staan daarbij centraal. Op deze manier kunnen we aansluiten bij en voortbouwen op bestaande kennis en bewezen initiatieven.
Kennisontwikkeling binnen het mbo vindt voor een groot deel binnen de context van de praktijk plaats: waar lopen we tegenaan? Wat zijn daarvoor handige oplossingen en instrumenten? Een practoraat zorgt ervoor dat de kennis en kunde van de student aansluit bij de actuele en toekomstige ontwikkelingen in het werkveld. Het mbo is daarmee niet alleen consument van kennis, maar ook producent. Dit is een verantwoordelijkheid die de sector moet nemen om wendbaar te kunnen blijven. Een onderzoekende houding is daarbij onmisbaar, om te kunnen reflecteren en inspelen op de snel veranderende vragen en behoeften die op het mbo afkomen.
Practoraten staan niet los van de omgeving van een mbo-instelling en het bedrijfsleven. De verschillende practoraten hebben verschillende relaties met de stakeholders. Zo kunnen practoraten functioneren als plaats om:
Een belangrijkste doelstelling voor practoraten is het professionaliseren van docenten. Docenten worden gestimuleerd in hun ontwikkeling tot een ‘reflective practioner’, met een reflectieve, onderzoekende houding. De reflective practitioner kijkt kritisch naar zijn eigen handelen: waarom handel ik zoals ik doe, wat is daarvan het effect, en is dat ook wat ik wil? De docent is zich bewust van aannames op verschillende niveaus: ervaringen, kennis en vaardigheden, overtuigingen, waarden en normen, en drijfveren. Hij kan deze aannames analyseren en verder onderzoeken.
Het woord ‘practoraat’ is voor de eerste keer geïntroduceerd door Jelle Koolstra bij een opdracht voor de Besturenraad van christelijke mbo-instellingen. De term is geïnspireerd op het begrip ‘lectoraat’, waarbij practoraat staat voor de meer ‘praktische’ insteek van het mbo. In 2012 kreeg de term meer gewicht bij de oprichting van het Practoraat Sociale Media bij het Mediacollege Amsterdam. Bij de oprichting van de Stichting ‘Ieder mbo een practoraat’ in 2015 is de vraag ‘wat is een practoraat?’ voor het eerst uitgewerkt op basis van de verschillende bouwstenen.
Op de termen ‘practoraat’ en ‘practor’ – die exclusief zijn voor gebruik in het mbo – is handelsnaamrecht, auteursrecht en merkrecht van toepassing. Deze naamgeving mag niet gebruikt worden zonder akkoord vanuit de stichting.
Om efficiëntie en doelmatigheid te bewaken, sturen we aan op onderling afstemmen en aansluiten op elkaars expertise. Zo kunnen practoraten voortborduren op elkaars kennis en ervaringen en verrichten zij geen onnodig dubbel werk. Maar wanneer de aansluiting met het onderwijs en het regionale bedrijfsleven belangrijke accenten zijn, dan is het belangrijk om te zorgen dat er een platform en ruimte beschikbaar zijn voor uitwisseling van ervaringen en kennisdeling.
De stichting is in 2015 gestart als initiatief vanuit vijf mbo-instellingen: Mediacollege Amsterdam, ROC van Twente, Noorderpoort, ROC Leeuwenborgh (tegenwoordig Vista College) en ROC Mondriaan. Sinds november 2016 is er wel financiële steun voor de stichting vanuit OCW. Die steun wordt nu afgebouwd met de bedoeling dat de sector ‘eigenaar’ wordt van de beweging. Hiervoor zal een contributiemodel worden ingevoerd, met een vaste bijdrage per practoraat per jaar. Zo kunnen wij als stichting de beweging blijven faciliteren en versnellen.
Nee, practoraten moeten zelf zorgen voor bekostiging. De stichting heeft wel de middelen om practoraten met adviseurs/experts bij een concreet vraagstuk te ondersteunen.
De stichting Ieder mbo een practoraat heeft een bestuur bestaande uit 6 leden, allen bestuurder van een mbo-instelling. De dagelijkse werkzaamheden zijn belegd bij een coördinator en een communicatieadviseur. Daarnaast zijn er een Kwaliteitscommissie, verantwoordelijk voor monitoring van de practoraten, en een Regiegroep ingesteld.